TULP Fashion

« Terug



INTERVIEW - Ronald van der Kemp

‘Ik wil mensen onbewust raken,
het liefst door niets te zeggen’


Ik tref Van der Kemp in de aanloop naar zijn jubileum: 10 jaar RVDK. “Ik vind het wel vroeg om daar nu al over na te denken”, begint hij het gesprek in zijn atelier aan de Herengracht in Amsterdam. Hij heeft nog een paar maanden en in korte tijd kan er veel gebeuren. Dat heeft hij zelf ervaren in de 25 jaar die aan RVDK voorafgingen. Na zijn afstuderen aan de Rietveld Academie in 1989 kickstartte hij zijn modecarrière in New York als ontwerper voor Bill Blass en warenhuis Barneys. Daarna volgde in 1998 Parijs, waar hij Alber Elbaz mocht opvolgen bij Guy Laroche en modehuis Céline bediende als rechterhand van ontwerper Michael Kors. Het zijn niet de minste namen en dat plaatste hem wereldwijd in de kijker.

‘Verzamelaars’
Waren het hele andere tijden? “Ik heb nog meegemaakt dat er niet alleen Beyoncé-types op de eerste rij zaten. Bij Bill Blass waren het vooral de klanten. Dat waren niet bijzonder mooie vrouwen, maar ze hadden een uitgesproken smaak – er kwam echt iemand binnen.” Zo spreekt Van der Kemp over de indrukwekkende uitstraling van operazangeres Jessye Norman en socialite Nan Kempner. “Toen zij heel jong was, kreeg ze van haar vader te horen: ‘honey, you’re not very pretty, so you better make something out of yourself’. Het waren vrouwen met een presence en het ging heel erg over persoonlijke stijl. Zij hechtten zich ook aan die kleding: het waren verzamelaars.”

Dat imago van de mode en waar het in het vak over ging begonnen te veranderen rond de tijd dat Van der Kemp voor Barneys ging werken. “Ineens, in New York, was er pre-fall. En een resort-collectie. Die hing een paar weken in de winkel en dan moest het volgende alweer in de rekken. En ik maar denken: waar gaan dan al die spullen naartoe?” Al snel kwamen de outlet stores, social media en steeds meer showmomenten. “Karl Lagerfeld had de vinger aan de pols met tien Chanel-shows per jaar. Wat ze bij H&M kunnen, kunnen wij ook, dacht hij.” Die modemomenten werden langzamerhand ook steeds meer een ‘experience’. Zo was er dit jaar een grote Louis Vuitton-show in Seoul en een maand later werd het publiek alweer ingevlogen naar de Borromeïsche Eilanden. Van der Kemp staat ervan te kijken: “Jongens, de hele wereld staat in brand en de boel overstroomt. Waar zijn we in godsnaam mee bezig?” Hij wil het met RVDK anders aanpakken.

Hechten en combineren
Het is moeilijk uit te leggen wat er allemaal heeft geleid tot de mode-industrie, zoals we die nu kennen, maar het is duidelijk dat er iets op hol is geslagen. “De waarde van kleding is gewoon weg”, legt van der Kemp uit. “Als er vroeger nieuwe shows uitkwamen, was dat echt een moment. Nu is het pats boem en real time heb je alle informatie op je scherm.” Het verslappen van de aandacht heeft er ook iets mee te maken, weet hij van zijn eigen social media-posts. Van een filmpje van een minuut houdt de kijker het doorgaans vijf seconden vol. Met als gevolg dat de onophoudelijke stroom van nieuwe mode de kijker steeds minder roert. Volgens de ontwerper is dat een algemeen pijnpunt, waar duurzame mode-voorvechters gebruik van kunnen maken: “Mensen worden zich in tijden van diversiteit steeds bewuster van wie ze zijn en waar ze voor staan en willen dat ook uitdragen. Je kunt heel goed kleding om een persoonlijkheid heen bouwen. Dan koop je automatisch bewuster, vaak ook minder, je gaat je hechten aan die dingen en je gaat beter combineren. Met vintage shoppen kun je zo heel ver komen.” De ‘Van der Kemp-visie’ op waardevolle mode blijft niet bij een hypothese. In Parijs zet hij steevast excentrieke persoonlijkheden op de catwalk en dat wordt heel goed ontvangen. “Als ik de reviews van een Vogue Runway lees, merk ik dat zij heel goed doorhebben waar ik mee bezig ben en dat ze het ook belangrijk vinden dat ik het doe.”

Deadstock
Ondertussen neemt van der Kemp ook de productie van zijn duurzame collecties bloedserieus: de couture wordt altijd gemaakt van luxueuze reststoffen: ‘deadstock’. Dat is geen geheim, maar de kijker wordt in de eerste plaats gevoed met een modeverhaal. “Duurzame mode is vaak een heel aparte niche en dat moet anders. Je moet het niet willen hebben, omdat het duurzaam is, maar omdat je het te gek vindt.” Van der Kemp is blij met de duurzame merken die ons om de oren vliegen, maar geeft ook toe dat je vaak te goed kunt zien dat ze ‘groen’ zijn en dat het merkverhaal niet te rijmen is met conventionele glamour. “Het is vaak wat belerend en het raakt mensen niet. Ik wil mensen onbewust raken, het liefst door niets te zeggen. Dat mensen gewoon voelen dat er iets aan de hand is. Ik denk dat mode zo een heel geschikt medium kan zijn om de mindset van mensen te veranderen. Als je generatie Z wilt overtuigen, moet je je punt ook op een TikTok-manier laten zien. Je moet niet gaan vertellen dat ze minder moeten kopen. Niemand wil meer horen wat er allemaal fout is – negatief nieuws komt niet meer binnen. Het is tijd om mensen te inspireren en dat is wat ik probeer te doen.”


Papier
Met die opvattingen gaat de ontwerper intuïtief het ene na het andere opvallende project aan, zoals zijn 2020-Coronashow met high-end mondkapjes, geshowd in afgezon­derde hotelkamers, en ‘Trashure’, een samenwerking met texielinzamelaar Sympany en de Haagse Hogeschool om gerecycled textiel sexy te maken. Het onlangs gelanceerde RVDK-parfum The Mind Vaccine bevat geupcyclede ingrediënten. En tijdens de laatste editie van Amsterdam Fashion Week zette RVDK een spraakmakende show neer met schoenenmerk Steve Madden. Van der Kemp trok toen het jaren ’60-fenomeen ‘papieren jurk’ uit de kast als reactie op de logomania, die we onder andere zagen bij Louis Vuittons mannenshow in Parijs voor de zomer van 2024. “Het belangrijkste van zo’n show is welke beroemdheden er allemaal zijn en de Pont Neuf, waarna je één grote logomarketingmachine over je heen krijgt, waar iedereen hard voor gaat klappen. Ik zag dat en dacht: laten we dat doen in papier, want dat is gewoon recyclable, daar doe je weinig kwaad mee.”

Vóelen
Als we duurzame mode willen normaliseren, moeten we mode en de verhalen eromheen weer gaan vóelen, zo redeneert Van der Kemp. “De merken zelf moeten het ook anders gaan zien. Nu kiezen ze steeds een thema en dat moet heel snel en duidelijk verteld worden, zodat iedereen het meteen via social media kan delen. Merken moeten andere dingen zoeken waar ze geld mee kunnen verdienen.” Ze kunnen bijvoorbeeld films maken, tipt Van der Kemp, verwijzend naar de bioscoophit ‘Barbie’, die uiteindelijk ook een modefilm was. “Modemerken kunnen zich op veel meer manieren engageren, buiten de klassieke modeweken en modeartikelen om. Ik hoop dat vooral van de jonge generatie: dat die gaat zoeken naar niet-stoffelijke manieren om een merk­verhaal uit te dragen.”

Invloed van bekende sterren
De duurzaamheidsoproep is aan consumenten, merken én invloedrijke mensen, zoals de RVDK-fans Michelle Obama, Lady Gaga en Emma Watson, legt ontwerper Van der Kemp uit. “Kleding is één ding, maar mode gaat ook heel erg over content: wie trekt het aan, hoe laat je het zien, hoe combineer je het? Als Gigi Hadid of Céline Dion een outfit van mij draagt en er staat toevallig iets bij over sustainability, dan pas worden mensen wakker. Als hun eigen rolmodellen die kleding aan hebben, vinden ze het cool.” Bekende sterren zouden dan ook best wat serieuzer gebruik mogen maken van hun invloed, vindt Van der Kemp, als we het over Beyoncés verzoek hebben of de fans alsjeblieft in het zilver naar haar concerten wilden komen, waarop die zich allemaal richting fast fashion-ketens haastten. “Dan denk ik: thank you, Beyoncé! Ze had ook kunnen zeggen: ga eens tweedehands shoppen. Het zijn die kleine dingen waarmee mensen met influence een verandering in gang kunnen zetten.” <